Een wond die even open wordt gekrabd

27-03-2016

Afgelopen zaterdag (19 mrt) was ik bij een première. Dat was niet zomaar een première, het ging namelijk om de eerste vertoning van de film ‘Suikerlijers’; over jongeren met diabetes type 1. Ik was erbij omdat mijn dochter hieraan mee heeft gewerkt. Net als een aantal andere jongeren heeft ze stukjes van haar eigen diabetesverhaal mogen vertellen.

suikerlijers In het kwartier dat de film duurt vertellen verschillende jongeren hoe zij soms worstelen met hun diabetes. Daar tussendoor zitten hele korte, zelf opgenomen filmpjes gemonteerd van ook andere jongeren. Ze geven een persoonlijk kijkje in hun leven met hypo’s, hypers, meten, infusen die worden ingeschoten en discussies met ouders. In combinatie met de close-ups van de mensen die hun verhaal vertellen levert dit een indringend beeld op.

Samen met vijf pubermeiden (dochter had haar posse ook meegevraagd) waren we dus naar Vlissingen gereisd om dochters ‘three minutes of fame’ te gaan aanschouwen. De première was daar omdat ze georganiseerd was door Stichting Kinderdiabetes Zeeland.

Eerst stonden er nog wat andere dingen op het programma zoals een presentatie over de kunstalvleesklier die ontwikkeld wordt door Robin Koops. Maar na de pauze was het dan zo ver; we zouden eindelijk de film gaan zien. We zaten er helemaal klaar voor.

Het licht ging uit en de film werd gestart. En toen, meteen al in de eerste minuut, gebeurde het. Mijn ogen schoten vol tranen. Ik moest huilen, en niet zo’n beetje ook. Het stomme is; ik huil nooit zo snel. En zeker niet in het openbaar. Maar de tranen bleven komen, alsof ik er even helemaal niets meer over te zeggen had. Ik fluisterde nog tegen mijn buurvrouw dat ‘ik het best een beetje confronterend vond’, maar eigenlijk was dat een understatement.

De film kwam gewoon ‘BAM!’ bij mij binnen. Totaal onverwacht. Ik had het niet zien aankomen. Gelukkig was ik niet de enige, later bleek dat de halve zaal had zitten snotteren. Toen de film was afgelopen werd er in eerste instantie dan ook maar lauw geklapt. Er viel even een soort stilte. Ook de presentatrice van de middag, Izaira Kersten, kon even niets uitbrengen. We waren met z’n allen even overdonderd. Zelfs in de ogen van mijn dochter, normaal gesproken zo’n stoere bikkel, schitterden ingehouden tranen.

Als echte sterren werden vervolgens alle aanwezige jongeren uit de film naar voren gehaald om ook een applaus in ontvangst te nemen. En dat werd een staande ovatie; een ontlading!

Waarom zoveel emotie? Vroeg ik me later af. Inmiddels denk ik het antwoord wel te weten; we leven doorgaans gewoon ons leven met deze ziekte. En als je, zoals wij, al acht jaar met diabetes leeft, raak je er een beetje aan gewend. Dat moet ook wel, anders is het leven niet zo leuk. Dus je maakt je meestal niet meer zo heel druk om bijvoorbeeld hoge waarden. Je bent niet zoveel meer bezig met eventuele complicaties. Nadenken over koolhydraten wordt een automatisme. Al het geprik en gespuit en gedoe vinden we normaal geworden. We doen ons ding en leven ons leven. Aan hoe het leven zou zijn zonder diabetes durven we bijna niet meer te denken. De eelt op de vingers van onze kinderen zit inmiddels ook op onze ziel. Er is als het ware een korst op de wond gekomen.

Wat er met mij persoonlijk gebeurde die zaterdagmiddag is dat die korst heel even van de wond gekrabd werd en opnieuw ging bloeden.

 De film Suikerlijers schudt ons weer even wakker. En is dat goed? Ja dat is goed.

Ik vind het goed dat er de laatste jaren steeds meer aandacht is voor ook die ‘moeilijke’ realiteit. Er is meer erkenning en daardoor meer begrip. En dat betekent óók betere ontwikkelingen! Zoals bijvoorbeeld sensoren en apps zoals die van mHealth24/7.

 De film eindigt trouwens niet treurig, hoor. Want we gaan natuurlijk gewoon door, met z’n allen. Verstand weer een beetje op nul. Maar wat was het eigenlijk mooi om met zo’n 300 anderen even dezelfde emotie te kunnen delen!

Reacties

Schrijf een reactie

Je reactie